een brief aan lord philips
gent, 6 juli 2008
beste lord philips,
bij het lezen van de titel kwam mijn haar recht: dat is je reinste onzin. ik word overspoeld door een niet begrijpen – toch niet het rechtssysteem!! in mijn idyllisch hoofd een uitgezuiverd systeem dat tracht een zo groot mogelijke vrijheid en gelijkheid te garanderen voor iedere burger. en ook al faalt en botst het systeem geregeld – de kern is gelijkheid.
dit kan je niet maken mijn beste lord philips! het binnensijpelen van zulk andere principes – die mij als verwende europeaan veelal té anders overkomen, ja zelfs vrezend voor een binnensluipende discriminatie – zullen de kern van het rechtsysteem op termijn ondermijnen. ik vrees zelfs het gevoel te ervaren dat wij ons daardoor ‘verkopen’ aan een aangespoelde meerderheid.
ik lees verder: ‘er is geen reden waarom principes van de sharia of andere religieuze code, niet de basis zouden kunnen vormen voor bemiddeling of andere conflictoplossingen.’
een vertwijfeld gekronkel, mijn waardige lord philips, begint zich meester te maken van mijn denkende zekerheden.
ben ik dan toch weer in de val van behoudingsgezindheid gestruikeld – in de zekerheid van ontkenning door een angst verandering, werkelijk fundamentele veranderingen niet te willen beluisteren?
ik lees je verder: ‘delen van de sharia zouden moeten worden opgenomen in het burgerlijk recht om de maatschappelijke samenhang te bevorderen.’
nu ‘vrees’ ik plots echt voor mijn zekerheden. want is het rechtssysteem niet dát afstandelijk – zo objectief mogelijk gemaakte systeem dat de vertaling is (zou moeten zijn) van wat in een samenleving leeft, kan, mag en moet?
en wordt er in het artikel niet gehamerd op het feit dat niets, geen enkel element dat zou worden opgenomen in strijd kan zijn met de britse wetgeving en samenhang? ‘het mag niet leiden tot ongelijkheid of versplintering binnen de britse maatschappij.’
lord philips – heb ik me dan toch laten leiden door een hart dat angstig is?
want is het nuttig en toont het respect voor gelijkwaardigheid, een vrij grote bevolkingsgroep te verplichten bepaalde zaken, niet in hun kern (want de britse wetgeving blijft als laatste overeind), maar in diens vertaling ervan hun eigenheid te ontnemen?
waar is mijn respect voor anderszijn? is dat niet net de reden waarom ik zó ijver voor afstandelijke, objectieve uitgezuiverde rechtstaal – om binnen een maatschappij die regels, rechten en plichten moet hebben toch een zo ruim mogelijke andersheid toe te laten – om te voorkomen dat persoonlijk aanvoelen, individuele zekerheden, eigen waarheden rechten en plichten zou ‘opleggen’ aan anders denk- en leefmensen?
deze zoekende en vertwijfelende denkkronkel staat dan nog los van het feit dat het brits rechtssysteem totaal anders is dan het onze. zo is er ten eerste geen scheiding tussen kerk en staat – het volledig tegengestelde van de franse laïcisering. en ten tweede is het britse rechtssysteem niet gegroeid vanuit een vaste grondwet, zoals wij dat kennen, maar vanuit ‘gebruiken’. het is niet de wetgeving die bepalend is maar de rechter.
beste lord philips, je zette mij in mijn blootje en geeft me reden tot denken. hartelijk dank daarvoor.
groeten
katelijne
ritic-us nieuwsbrief




rss (posts)
feedburner
hai,
sjiek dat je in een tekst tot een zelfinzicht kan komen! by the way, men spreekt over de sharia als iets dat bestaat, vastomlijnd is, wel dit is dus niet het geval. de sharia als geheel bestaat niet. Na de dood van profeet Mohamed zijn er 5 scholen ontstaan(4 soennietische en 1 sjiitische) die telkens een eigen interpretatie aan de oorsponkelijke bronnen hebben gegeven hieruit vloeit dan een sharia. vervolgens heeft elke arabisch land nog es zijn eigen rechtsgeleerden en scholen die de koran, soena, qiyas en de idma interpreteren. dus je kan al indenken welke verschillen er zijn. soit, dit is maar wat achtergrondinfo.
ik vind het een poging doen om een grote andere groep erbij uit te nodigen, met de boodschap de eigen principes en handelingen niet overboord te gooien. dit is volgens mij sowieso een goede houding en ook een houding die werkelijke openheid beoogt. dit eventuele samenvoegen,samenwerken en integreren kan voor beide partijen gunstig zijn, niettemin en dit is cruciaal zonder het ontkennen van de principes die grondwettelijk zijn vastgelegd. Een debat kan gestart worden. vooruitstrevend!
antwoord op dit commentaar